Challenge Betekenisvol onderwijs VO

Tijdens de EduHackathonNL op 23 maart in Zwolle zijn een aantal challenges opgepakt. In een korte serie blogs zullen de opbrengsten per challenge worden gedeeld. Dit is deel 2.

Challenge Betekenisvol onderwijs VO

De groep heeft gezamenlijk het beeld van de situatie rondom de challenge verkend. Belangrijk hierbij was dat ieder groepslid zich voldoende herkende in het begrip ‘betekenisvol’. Iedereen bracht daartoe concrete voorbeelden uit de eigen onderwijspraktijk in, schetste gewenste situaties en er werd doorgesproken op het mogelijke waarom van successen of ‘mislukken’. De groepsleden kozen vervolgens een bestaande case op een school, die volgens hen de essentie van de challenge goed zichtbaar maakt en voldoet aan de eisen van de groep aan het begrip ‘betekenisvol’.

De case betreft het project “Organiseren Van Een Activiteit” voor vmbo leerlingen met voornamelijk Turkse en Marokkaanse achtergrond. Het project bestaat uit werkorders (opdrachten) en rubrics met feedback momenten (tussengesprekken). Naast kennis over organiseren (draaiboek, budget, e.d.) leren de leerlingen om meer verantwoordelijk te handelen en initiatief te nemen. Dat betekent dat ze zich meer als ‘producent’ in plaats van ‘consument’ gedragen tijdens het werken aan de opdrachten.

De praktijk laat echter zien dat leerlingen deze vaardigheden onvoldoende oppakken en te weinig gemotiveerd lijken. De groep gaat daarom aan de slag met het vraagstuk welke handvatten nog nodig zijn, zodat de leerlingen daadwerkelijk in beweging komen en de doelen van het project gerealiseerd worden.

Om het vraagstuk te kunnen vervullen, is de groep op creatieve wijze te rade gegaan bij vier bijzondere adviseurs: Willy Wortel (en zijn assistent Lampje), Gandhi, Johan Cruijff en een 14-jarige puber. Welke behoeftes en wensen zouden zij bij dit vraagstuk uitspreken en welke ideeën kunnen hierbij vervolgens genoemd worden? Willy Wortel werkt net zolang door aan een vraag van een ander (opdrachtgever) totdat hij een concrete oplossing heeft uitgevonden. Tijdens dit maakproces gaat er nog wel eens iets fout, maar dan heeft hij Lampje die hem weer terug op het goede spoor zet. Gandhi hecht veel waarde aan empowerment, zelf doen, eigen initiatief en eigenwaarde. Johan Cruijff toonde zich een gedreven, eigenzinnige spits, die wist dat je pas wint als je als een goed team samen speelt. Zo zei hij eens: “Geweldige zaken worden nooit door één persoon gedaan. Ze worden gedaan door een team van mensen“ (Citaten.net, z.d.). De 14-jarige puber vertrouwt de groep toe dat hij graag zijn eigen leerpad volgt en zich vooral inzet als de opdracht er wat toe doet en ‘echt’ is. Wat zijn hieruit de ideeën met impact, die volgens de groep kans hebben van slagen?

De pijlers waarop de wegen naar verandering rusten, zijn voor de ingebrachte case: eigenwaarde en rolmodel, authentieke opdracht(gever), zelf gekozen groepen, korte sprints en mijlpalen, goede voorbeelden, oprechte erkenning, waarderen van initiatief (ongeacht kwaliteit/oordeel) en assistentie, daadwerkelijke uitvoering. De groep is het erover eens dat dit haalbaar is. Jongeren ontlenen eigenwaarde aan het hebben van personen die zij kunnen vertrouwen,  van wie zij kunnen leren en die hen helpt te geloven dat zij in staat zijn iets te bereiken (Lef om te luisteren, 2017).  Op school zijn speciaal aangestelde jongerenwerkers bij wie de leerlingen terecht kunnen. Deze jongerenwerkers weten goed wat er in de buurt speelt en kunnen realistische opdrachten en opdrachtgevers aandragen. Ook zijn er voldoende docenten die voor hen klaar staan. Leerlingen kunnen aan de slag met echte opdrachten in de wijk waar de school staat en zij wonen. Hierbij speelt dat voor veel leerlingen die woonwijk hun hele wereld is. Velen zijn nog nooit verder geweest dan de spoorlijn die de wijk van andere centra scheidt.

Door met de leerlingen hierover in gesprek te gaan, ze te vragen naar eigen goede voorbeelden en inspirerende personen en deze de klas binnen te brengen (o.a. gastsprekers) krijgt de leerling het gevoel dat zijn bijdrage er toe doet en kan gedrag positief veranderd worden. De leerlingen zijn op deze manier sterker dan voorheen betrokken bij het vervullen van de opdracht. En door ze hiervoor erkenning te geven (inzet, betrokkenheid , doorzettingsvermogen) verwacht de groep dat hun eigenwaarde verder zal toenemen wat weer positief zal doorwerken in gedragsverandering. Nu werken de leerlingen vooral voor een cijferresultaat op hun eindproduct., wat onvoldoende aansluit bij wat deze leerlingen echt motiveert. De groep houdt contact over de realisatie van deze challenge.

Deelnemers: Elisabeth de Block, Matthijs Leeffers, Edvard Houtkoop, Femke Cnossen, Marieke de Jong, Myriam Meutgeert, Tim Vogt, Wouter de Jong (procesbegeleiding)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.